In veel van mijn blogs en boeken is te lezen hoe je kinderen en volwassenen met dyslexie of dyscalculie goed kunt helpen. Het gaat dan om ‘best practises’: methodieken die hebben bewezen beter te werken dan andere manieren van hulp en begeleiding. In deze blog wil ik het hebben over niet werkende benaderingen. Over hulp waarvan het heel fijn zou zijn als het zou helpen, maar waar je (of je kind) weinig of niets mee opschiet. En over regelrechte kwakzalverij…

De kennis is er…

Er is meer dan genoeg kennis over wat écht werkt in het onderwijs. Veel onderwijsdeskundigen en hoogleraren kunnen haarfijn aangeven hoe je het onderwijs substantieel kunt verbeteren. Twee professoren hebben een OMT voor het onderwijs opgericht. Docent en columnist Ton van Haperen meent dat de overheid veel strakker op kwaliteit moeten sturen en de vrijheid van onderwijs af moet schaffen. Er zijn uitstekende boeken geschreven waarin gedetailleerd wordt beschreven welke methodieken evidence based zijn en wat best practises zijn. Mijn blog over waarom het Nederlandse onderwijs niet tot de besten van de wereld behoort, geeft hiervan voorbeelden.

Maar te veel kinderen vallen uit

In het Nederlandse onderwijs vallen veel te veel leerlingen uit. Dat is onnodig, zeer schadelijk voor de kinderen en bovendien erg kostbaar. Heel veel remedial teachers, orthopedagogen en psychologen zijn bezig om de scherven op te ruimen van onderwijs van onvoldoende kwaliteit. Soms zijn ook deze ‘schadebeperkers’ zelf bezig met niet effectieve methodieken. Het is begrijpelijk dat veel ouders niet weten waar ze het zoeken moeten als ze hun kind extra willen ondersteunen. Daarom volgen in deze blog wat waarschuwingen over wat niet werkt bij het behandelen van dyslexie en dyscalculie. Waar moet je geen tijd en geld in steken? Voor het Handboek dyslexie heb ik het een en ander uitgezocht. De wetenschappelijke onderbouwing van de uitspraken in deze blog is daarin te vinden.

Training van tekorten in de hersenen

Allereerst helpt het niet om kinderen trainingen te laten doen om hun geheugen, hun aandacht, hun intelligentie of hun waarneming te verbeteren. Alle hersentrainingen (denk aan Cogmed) en brain games die deze pretentie hebben, kun je vergeten. Je traint hiermee heel specifieke vaardigheden die geen ‘far transfer’ hebben, dat wil zeggen dat ze niet vanzelf worden toegepast tijdens andere activiteiten, zoals lezen, schrijven of rekenen.

Vervolgens helpt het ook niet om vermeende neurologische tekorten te behandelen. Kinderen met leerproblemen hebben normaal samenwerkende hersenhelften, ze denken niet uitsluitend in beelden, hun hersenen zijn niet heel anders georiënteerd. Vergeet dus beelddenktherapieën, de BSM-de Jong methode, de Kernvisie methode. Hetzelfde geldt voor aanpak van zogenaamde visuele problemen. Blijf weg van gekeurde brillenglazen, Xlenzen en prismabrillen.

Ook sensomotorische trainingen, soms modieus Brain gym genoemd, hebben geen enkel effect op de vooruitgang van schoolrijpheid, lezen, spellen, rekenen, taal en handschrift, ongeacht of deze op de grove motoriek, de fijne motoriek, de visuele perceptie of de auditieve perceptie gericht zijn.

Lettertypen

Speciale lettertypen hebben de afgelopen tien jaar veel aandacht gekregen. Uitgevers gingen oefenmaterialen en boeken in speciaal voor kinderen met dyslexie ontwikkelde lettertypen verkopen. Hiernaar is genoeg wetenschappelijk onderzoek gedaan om ze af te raden. Er is simpelweg nul bewijs voor hun effectiviteit.

Computers

Verder ben ik absoluut geen voorstander van softwareprogramma’s die instructie door de docent vervangen: kinderen met leerproblemen hebben namelijk veel, gerichte instructie nodig. Ze hebben iemand nodig die goed uitlegt en ondersteunt. Er is maar weinig software die onderwijskundig sterk is. Vaak wordt achter computers en Ipads veel te veel leertijd verknoeid en is het rendement gering. Vaak ziet de docent te weinig wat er gebeurt en blijven kinderen hangen op een niveau wat nog onvoldoende beheerst wordt. Geregeld doen kinderen alleen die onderdelen die ze leuk vinden of al wel kunnen. Doorgaans krijgen leerlingen te weinig feedback op hun werk. Er zijn echter ook enkele goede programma’s, zoals Taalblobs en Rekenblobs.

Conclusie

Eigenlijk is het heel erg logisch: als je wil leren rekenen, spellen of lezen, moet je daarmee heel veel oefenen. Er zijn geen andere manieren om deze vaardigheden onder de knie te krijgen. En, …, baat een alternatieve therapie niet, dan schaadt het wel degelijk! Kinderen blijven langer rondlopen met problemen en hun  achterstanden groeien daardoor.  Ze verliezen nog meer vertrouwen als zo’n behandeling niet werkt. En het doet pijn in de portemonnee; je krijgt geen waar voor je geld, alleen maar mooie beloften…

Verwijzingen