Het Coronavirus is voor veel mensen een enorm drama en het heeft verstrekkende gevolgen. Tegelijkertijd leidt het ook tot snelle ontwikkelingen en wordt stroperige beleids- en besluitvorming soms met ongekende snelheid en voortvarendheid doorbroken. Soms denk ik wel eens dat we ook een zeer ernstig onderwijsvirus hebben. Toen ik de column van Aleid Truijens (misschien wel de beste onderwijscolumnist van Nederland) in de Volkskrant van vanmorgen las, dacht ik: we hebben in het onderwijs ook een daadkrachtig Outbreak Management Team nodig, waar ministers en onderwijsbestuurders naar luisteren en met volle inzet en voortvarendheid hun beleid op baseren.

Truijens heeft het over het leesniveau van jongeren, met name van jongens. Een kwart van de Nederlandse pubers is laaggeletterd: “ze kunnen het simpelste berichtje, de eenvoudigste instructie niet begrijpen”. De trend is negatief en zal volgens onderzoekers doorzetten. Internationaal zakken we af: in steeds meer landen lezen pubers beter dan in Nederland. Ik vind dit bizar, in ons welvarende land kunnen we toch veel beter (zie mijn vorige blog)? Het gaat niet alleen om vmbo- en mbo-leerlingen: ook studenten op hbo en wo ervaren problemen met hun studie als ze onvoldoende leesvaardig zijn.

Truijens beschrijft twee redenen (in mijn vorige blog noemde ik nog enkele andere). De eerste is dat het onderwijs teveel voor meisjes is geoptimaliseerd, met zijn nadruk op ontwikkeling van vaardigheden als communiceren, plannen en zelfstandig werken. Jongens raken gedemotiveerd en zijn oververtegenwoordigd op vmbo basis-kader en mbo niveau 1, 2 en 3. Meisjes zijn oververtegenwoordigd op het vwo, mbo niveau 4, hbo en universiteit (CBS). Zijn meisjes slimmer dan jongens? Misschien wel, maar ik zie ook andere verklaringen… De tweede is de vrijblijvendheid en de ruime mogelijkheden die er zijn voor vermijdingsgedrag: op de Ipad en op rumoerige leerpleinen zijn dingen te doen die meer directe bevrediging bieden dan lezen.

Mag ik een voorzet doen voor een Outbreak Management Team voor het onderwijs? Ik kies dan voor Jeroen Dijsselbloem als voorzitter: hij weet sinds hij in 2007-2008 de parlementaire enquetecommissie over het onderwijs voorzat waar de problemen zitten. Ik zet er twee hoogleraren bij: Anna Bosman, zij weet alles over effectief lees- en rekenonderwijs, en Paul Kirschner, hij weet wat werkt in het onderwijs. Verder Eva Naaijkens en Martin Bootsma, die weten hoe je een school effectief kunt organiseren, en Marcel Schmeier die weet hoe je instructie moet geven. Ik denk dat dit een besluitvaardig clubje zal zijn die dit, al jaren aanwezige, ernstige onderwijsvirus effectief kan bestrijden!